Network for Insect Knowledge spil in ontwikkeling van insectensector

Kennis insectenteelt wereldwijd van waarde
06

e

Kijk voor meer informatie op www.nfik.nl

Krachten bundelen

Espeel ziet dat er nog veel meer vragen leven. “Bijvoorbeeld over het verwerken van de insecten, over de voedingswaarde en of de teelt rendabel is”, vertelt ze. “Er is een enorme vraag naar kennis en wij hebben zelf óók nog veel vragen. Daarom is samenwerking zo belangrijk”, onderschrijft ze de activiteiten van het NIK. “Iedereen realiseert zich dat het samen moet. Kennis kun je nu niet voor jezelf houden. Daarom bundelen we de krachten met partijen als de WUR en bedrijven in de veevoerindustrie.”

Van den Hengel voorziet een flinke groei van de sector de komende jaren: “Als je één procent van de gangbaar gebruikte eiwitten kunt vervangen door eiwitten van insecten, dan praat je al over een enorme groei. Volume is ook nodig om de prijs concurrerender te maken.” Espeel ziet de groei in internationaal perspectief en benadrukt de waarde van kennisdeling: “In Aziatische en Afrikaanse landen helpt het klimaat enorm mee. Het exporteren van onze kennis biedt veel kansen.”

De insectensector is in opkomst, zowel in Regio Foodvalley en Nederland als internationaal. Insecten vormen een bron van eiwitten in voedingsmiddelen voor dieren en mensen en vormen een grondstof voor allerlei andere producten. In de ontwikkeling van de sector is samenwerken en kennisdelen onontbeerlijk. Het Network for Insect Knowledge (NIK) dat in Regio Foodvalley van de grond is gekomen, vormt als verbinder hét kennisnetwerk van de insectensector in Nederland. “De keten groeit, want de potentie is groot”, signaleert manager Petra van den Hengel. “Partijen in deze markt willen investeren in een duurzame toekomst.”

Lees verder onder de foto.

Insecteningrediënten worden onder meer verwerkt in producten voor humane consumptie.

Het onderwijs dat nu wordt ontwikkeld, richt zich vooralsnog op drie insectgroepen: de huisvlieg, de black soldier fly en de meelworm. “Hoe zijn deze insecten te kweken?”, vat Espeel de hoofdvraag samen. Deelnemers leren naast de biologie over praktische zaken als huisvesting, klimaat, voeding, gezondheid en hygiëne. Theorie en praktijk komen aan bod. “De training is gericht op het zelfstandig kunnen draaien van een insectenkwekerij”, verklaart Espeel. “Van het betrekken van restmateriaal en het verzorgen van insecten tot en met de oogst en de afzet.” De cursus wordt opgezet als een leseenheid die ingezet kan worden voor MBO, HBO en leven lang leren trajecten.

Op zoek naar kennis

Nederland loopt voorop als het gaat om kennis van de insectenteelt. “Er is veel belangstelling”, stelt Van den Hengel. “Onder meer uit Azië, waar het klimaat gunstig is om insecten te kweken, komen mensen hiernaartoe om kennis te halen.” Ann Espeel, trainer bij Aeres Training Centre International in Barneveld, beaamt dat. Zij is samen met het Poultry Expertise Centre (PEC) bezig met de ontwikkeling van cursussen en lesmodules op het gebied van insectenteelt. “Iedereen is op zoek naar kennis”, merkt ze. “Er zijn veel vragen over het kweken van insecten, ook internationaal.”

Petra van den Hengel, in een meelwormenkwekerij: “In de eiwittransitie
hebben insecten veel potentie, omdat ze zo efficiënt zijn”

Verder opschalen

Het kennisnetwerk heeft het professionaliseren van de keten en het stimuleren van onderzoek, onderwijs en ondernemerschap voor ogen. “Waar zit de markt en hoe kunnen we insecten naar de markt brengen?”, stelt Van den Hengel enkele vragen hardop. Een goede samenwerking in de hele keten van toeleveranciers, insectenkwekers, verwerkingsbedrijven en afnemers is van belang om verder op te schalen. “Daarvoor werken we samen met een grote diversiteit aan partijen als Foodvalley NL, Wageningen University & Research en New Generation Nutrition.” Daarnaast spant het NIK zich in om oplossingen te vinden voor knelpunten in de insectensector. Zoals het accepteren van insecteningrediënten in humane voeding door consumenten, of vragen over reststromen. Van den Hengel: “We proberen om het vestigingsklimaat voor bedrijven te verbeteren.”

De mogelijkheden om insecten toe te passen, lopen zeer uiteen. “Insecteningrediënten worden verwerkt in diervoeding, in producten voor humane consumptie, maar worden in Zuid Korea ook gebruikt in cosmetica en biobrandstof”, noemt Van den Hengel er een paar. “In de eiwittransitie hebben insecten veel potentie, omdat ze zo efficiënt zijn”, legt ze uit. “Ze gebruiken weinig ruimte en water en ze produceren weinig emissies. Bovendien zijn ze voor 90 procent te verwerken.” Daarnaast kunnen insecten groeien op reststromen, zoals mest. “Zo kun je reststromen opwaarderen, al is dierlijke mest als voeding voor insecten nog niet wettelijk toegestaan.”

Niet alleen de sector zelf groeit, ook het netwerk van partijen die samenwerken en kennisdelen is inmiddels uitgegroeid tot een toonaangevende speler. Binnen Regio Foodvalley, maar ook landelijk en zelfs internationaal. De Hub for Insect Knowledge, zoals het kennisknooppunt aanvankelijk was genoemd, is begin dit jaar omgedoopt tot Network for Insect Knowledge. “Het gaat niet alleen om kennis, maar nadrukkelijk óók om het netwerk”, verklaart Van den Hengel.

Het overzichtelijk maken en delen van kennis is wel het uitgangspunt van het NIK. “Die kennis was tot voor kort erg versnipperd”, zegt Van den Hengel. “En ook nog niet zo toegankelijk. Dat is niet zo vreemd, als je bedenkt dat dit een nieuwe sector is. Maar partijen leren elkaar steeds beter kennen en er is nu één neutrale plek waar alles samenkomt.” Onder meer door kerngroepen en evenementen rond een aantal thema’s te organiseren, brengt het NIK partijen bij elkaar met als doel de groei van de insectensector te stimuleren. Nieuwe concepten en verdienmodellen komen binnen handbereik. “Daar profiteren veel meer sectoren van, denk aan installatietechniek en automatisering”, illustreert de manager de reikwijdte van de ontwikkeling.

Network for Insect Knowledge spil in ontwikkeling van insectensector

KENNIS INSECTENTEELT WERELDWIJD VAN WAARDE
06

Kijk voor meer informatie op www.nfik.nl

Krachten bundelen

Espeel ziet dat er nog veel meer vragen leven. “Bijvoorbeeld over het verwerken van de insecten, over de voedingswaarde en of de teelt rendabel is”, vertelt ze. “Er is een enorme vraag naar kennis en wij hebben zelf óók nog veel vragen. Daarom is samenwerking zo belangrijk”, onderschrijft ze de activiteiten van het NIK. “Iedereen realiseert zich dat het samen moet. Kennis kun je nu niet voor jezelf houden. Daarom bundelen we de krachten met partijen als de WUR en bedrijven in de veevoerindustrie.”

Van den Hengel voorziet een flinke groei van de sector de komende jaren: “Als je één procent van de gangbaar gebruikte eiwitten kunt vervangen door eiwitten van insecten, dan praat je al over een enorme groei. Volume is ook nodig om de prijs concurrerender te maken.” Espeel ziet de groei in internationaal perspectief en benadrukt de waarde van kennisdeling: “In Aziatische en Afrikaanse landen helpt het klimaat enorm mee. Het exporteren van onze kennis biedt veel kansen.”

De insectensector is in opkomst, zowel in Regio Foodvalley en Nederland als internationaal. Insecten vormen een bron van eiwitten in voedingsmiddelen voor dieren en mensen en vormen een grondstof voor allerlei andere producten. In de ontwikkeling van de sector is samenwerken en kennisdelen onontbeerlijk. Het Network for Insect Knowledge (NIK) dat in Regio Foodvalley van de grond is gekomen, vormt als verbinder hét kennisnetwerk van de insectensector in Nederland. “De keten groeit, want de potentie is groot”, signaleert manager Petra van den Hengel. “Partijen in deze markt willen investeren in een duurzame toekomst.”

Insecteningrediënten worden onder meer verwerkt in producten voor humane consumptie.

Op zoek naar kennis

Het onderwijs dat nu wordt ontwikkeld, richt zich vooralsnog op drie insectgroepen: de huisvlieg, de black soldier fly en de meelworm. “Hoe zijn deze insecten te kweken?”, vat Espeel de hoofdvraag samen. Deelnemers leren naast de biologie over praktische zaken als huisvesting, klimaat, voeding, gezondheid en hygiëne. Theorie en praktijk komen aan bod. “De training is gericht op het zelfstandig kunnen draaien van een insectenkwekerij”, verklaart Espeel. “Van het betrekken van restmateriaal en het verzorgen van insecten tot en met de oogst en de afzet.” De cursus wordt opgezet als een leseenheid die ingezet kan worden voor MBO, HBO en leven lang leren trajecten.

Nederland loopt voorop als het gaat om kennis van de insectenteelt. “Er is veel belangstelling”, stelt Van den Hengel. “Onder meer uit Azië, waar het klimaat gunstig is om insecten te kweken, komen mensen hiernaartoe om kennis te halen.” Ann Espeel, trainer bij Aeres Training Centre International in Barneveld, beaamt dat. Zij is samen met het Poultry Expertise Centre (PEC) bezig met de ontwikkeling van cursussen en lesmodules op het gebied van insectenteelt. “Iedereen is op zoek naar kennis”, merkt ze. “Er zijn veel vragen over het kweken van insecten, ook internationaal.”

Petra van den Hengel, in een meelwormenkwekerij: “In de eiwittransitie
hebben insecten veel potentie, omdat ze zo efficiënt zijn”

Verder opschalen

Het kennisnetwerk heeft het professionaliseren van de keten en het stimuleren van onderzoek, onderwijs en ondernemerschap voor ogen. “Waar zit de markt en hoe kunnen we insecten naar de markt brengen?”, stelt Van den Hengel enkele vragen hardop. Een goede samenwerking in de hele keten van toeleveranciers, insectenkwekers, verwerkingsbedrijven en afnemers is van belang om verder op te schalen. “Daarvoor werken we samen met een grote diversiteit aan partijen als Foodvalley NL, Wageningen University & Research en New Generation Nutrition.” Daarnaast spant het NIK zich in om oplossingen te vinden voor knelpunten in de insectensector. Zoals het accepteren van insecteningrediënten in humane voeding door consumenten, of vragen over reststromen. Van den Hengel: “We proberen om het vestigingsklimaat voor bedrijven te verbeteren.”

De mogelijkheden om insecten toe te passen, lopen zeer uiteen. “Insecteningrediënten worden verwerkt in diervoeding, in producten voor humane consumptie, maar worden in Zuid Korea ook gebruikt in cosmetica en biobrandstof”, noemt Van den Hengel er een paar. “In de eiwittransitie hebben insecten veel potentie, omdat ze zo efficiënt zijn”, legt ze uit. “Ze gebruiken weinig ruimte en water en ze produceren weinig emissies. Bovendien zijn ze voor 90 procent te verwerken.” Daarnaast kunnen insecten groeien op reststromen, zoals mest. “Zo kun je reststromen opwaarderen, al is dierlijke mest als voeding voor insecten nog niet wettelijk toegestaan.”

Niet alleen de sector zelf groeit, ook het netwerk van partijen die samenwerken en kennisdelen is inmiddels uitgegroeid tot een toonaangevende speler. Binnen Regio Foodvalley, maar ook landelijk en zelfs internationaal. De Hub for Insect Knowledge, zoals het kennisknooppunt aanvankelijk was genoemd, is begin dit jaar omgedoopt tot Network for Insect Knowledge. “Het gaat niet alleen om kennis, maar nadrukkelijk óók om het netwerk”, verklaart Van den Hengel.

Het overzichtelijk maken en delen van kennis is wel het uitgangspunt van het NIK. “Die kennis was tot voor kort erg versnipperd”, zegt Van den Hengel. “En ook nog niet zo toegankelijk. Dat is niet zo vreemd, als je bedenkt dat dit een nieuwe sector is. Maar partijen leren elkaar steeds beter kennen en er is nu één neutrale plek waar alles samenkomt.” Onder meer door kerngroepen en evenementen rond een aantal thema’s te organiseren, brengt het NIK partijen bij elkaar met als doel de groei van de insectensector te stimuleren. Nieuwe concepten en verdienmodellen komen binnen handbereik. “Daar profiteren veel meer sectoren van, denk aan installatietechniek en automatisering”, illustreert de manager de reikwijdte van de ontwikkeling.

Online magazines Regio Foodvalley

Op deze pagina vindt u online magazines van Regio Foodvalley. In deze magazines worden projecten en initiatieven van Regio Foodvalley uitgelicht.
Volledig scherm